© 2013 - 2017 webdesign by Equipware  ·  hosting by Manetti IT  ·   All Rights reserved  ·
 
 
mastocytose patienten vereniging logo

Terminologie.

pijl omhoog
Adrenaline auto-injector Een adrenaline auto-injector bevat adrenaline, het is bedoeld om te gebruiken bij een anaphylactische shock en gaat daarbij de vaatverwijding tegen. Alleen te gebruiken in noodsituaties. Voor meer informatie. 
Anafylaxis / anafylactische shock: Verwijding van de bloedvaten door een acute hoge concentratie van histamine, doordat de bloeddruk snel daalt kan dit tot hartstilstand leiden.
Antihistamine: Geneesmiddel waarvan de werking berust op het neutraliseren van histamine, hiermee worden symptomen verlicht.
Atarax: H1-antihistaminicum.
Biopsie: Weefselmonster om onderzoek op te doen. Bij mastocytose patiënten wordt een beenmergbiopt genomen uit de achterzijde van het bekken. Feitelijk is het geen biopt maar een botboring omdat naast het beenmerg ook een stukje bot wordt meegenomen. De ingreep wordt verricht onder plaatselijke verdoving en is dan nog vrij pijnlijk; je kunt ook om een roesje vragen, dat helpt enorm. (na een roesje kan je niet gelijk naar huis)
Cortisone: Bijnierschorshormoon. In het lichaam heet het cortisol, als medicijn prednison of prednisolon.
Cromolyn sodium: Mestcelstabilisator.
Cutaan: De huid betreffende.
Cetirizine: H1-antihistaminicum.
Darier, teken van: Eenvoudige test op de huid om een teveel aan mestcellen vast te cellen, door wrijving worden mestcellen geprovoceerd en kleurt de huid rood op.
Flush: Histamine-aanval in het gezicht: rode, warme, jeukende wangen die ineens opkomen, bv. bij stress.
H1-antihistamine: Anti-histamine die aangrijpt op de H1-receptoren van de mestcel, gaat vooral jeuk en zwelling van de huid en slijmvliezen tegen.

H2-antihistamine: Anti-histamine die aangrijpt op de H2-receptoren van de mestcel, gaat vooral misselijkheid, maagpijn en darmkramp tegen.
Histamine: Een van de stoffen die uit een mestcel vrijkomen, veroorzaakt jeuk, zwelling en roodheid.
Histamine-aanval: Uitstoot van histamine uit de mestcel door een trigger. Deze trigger kan heel divers zijn (voedingsmiddelen, medicijnen, contrastvloeistoffen, warmte-koudeverschillen, inspanning etc.) en per patiënt zijn er grote verschillen waarvoor men overgevoelig is.
Indolent: Inactief.
Macule: Vlek.
Mestcel: Gespecialiseerde witte bloedcel die wordt aangemaakt in het beenmerg en vandaar naar diverse weefsels migreert. De stoffen die een mestcel uitstoot maakt weefsels o.a. meer doorlaatbaar voor hulpstoffen, bv. bij verwondingen of ontstekingen.

Methylhistamine: Stof in de urine waarmee de activiteit van de mastocytose wordt bepaald. Voor een betrouwbare meting is een gekoelde portie nuchtere 2e ochtendurine nodig, na een dag met een histaminevrij dieet.
Methylimidazolazijnzuur: Ook een stof in de urine waarmee de activiteit van de mastocytose wordt bepaald.
Prednisolon: Modernere variant van prednison, wordt makkelijker opgenomen.
Prednison: Bijnierschorshormoon.
Ranitidine: H1-antihistaminicum.
PUVA: Behandeling van de huid met ultraviolet-A licht; om de huid extra gevoelig te maken wordt hierbij een medicijn geslikt. De behandeling is enkel cosmetisch en tijdelijk, ook is er verhoogd risico op huidkanker
Systemisch: Het hele lichaam betreffende.
Systemische mastocytose: Mastocytose die in meerdere organen voorkomt.
Tavegil: Merknaam voor het bekendste H1-anti-histaminicum, niet het modernste dus ook wat versuffend.
Telfast: Merknaam voor een H1-antihistaminicum.
Trigger: Iets dat een histamine-aanval kan uitlokken; dit is per patiënt sterk verschillend.
Tryptase: Een eiwit in het bloed waaraan de activiteit van de mastocytose kan worden afgemeten.
Urticaria Pigmentosa (UP):
Mastocytose die zich tot de huid beperkt, zich uitend in geel/rood/bruine vlekjes verspreid over het hele lichaam of een om meerdere grote vlekken. Bij krabben zetten ze op en worden rood. (teken van Darier)
Zantac:
Merknaam voor ranitidine, een H2-antihistaminicum.
Zyrtec:
Merknaam voor cetirizine, een H1-antihistaminicum.